Home

Brooks nieuwtje

"De mannenploeg van PH won nationale crosstitels in 1997, 1998, 1999, 2000, 2005, 2008 en 2009."





Inloggen








Wachtwoord vergeten?
Nog geen account?
Maak er één aan!


Archive

Syndicate

Brooks hardloopkleding en schoenen         Runnersworld Den Bosch
Super prestatie van Lukas van der Storm op 20 kamp PDF Afdrukken E-mail
Geschreven door Bert van Lith   
Monday 14 September 2009
Zoals eerder gemeld heeft Lukas van der Storm dit weekend deelgenomen aan het WK 20 kamp. Hieronder vind je de updates van dag 1 en 2. Natuurlijk in zeer karakteristieke stijl geschreven door Lukas. Dag 2: Het zit erop, en hoe! Ik zat de hele dag in de winning mood vandaag. Liep ik gisteren al aardig, vandaag relatief nog beter. Er zat ondanks de veelheid aan nummers maar weinig sleet op dit jaar. Mijn score van vorig jaar is er dan ook dik aan, maar dat niet alleen. De 9.000 punten, waar ik van tevoren verwachtte een flinke kluif aan te hebben, bleek geen enkel probleem. Met 9.287 punten eindigde ik als achtste van de drieëntwintig starters, waarvan er overigens slechts twee uitvielen. Maar bijna belangrijker nog: het is gewoon een onvergetelijk sportweekend. Dan maar even de balans per onderdeel:
 
De 110 meter horden is voor mij, hoe gek het ook klinkt, wel een lekker opwarmertje. Ik kan er niets op goed doen, maar ook niets fout. Een drie- of vierpas is aan mij niet besteed, dus komt het neer op zo hard mogelijk dribbelen tussen de hordes. Dat ging toch alweer iets beter dan vorig jaar, als ik het goed onthouden heb in 21,16. Daar lever ik natuurlijk flink op in, maar toch wel een behoorlijke start. En belangrijker nog: de spierpijn valt mee en de benen voelen relatief gezien nog best lekker losjes.
 
Discuswerpen is een onderdeel uit de categorie noodzakelijk kwaad. Ik hoopte nog op een meter of achttien, maar bleef ergens hoog in de vijftien steken. Ach ja, veel punten haal je er toch niet mee, dus kun je er ook maar weinig verliezen. Dat voordeel heb ik dan wel weer op de werpnummers!
 
De 200 meter sloeg echt helemaal nergens op. Ik voelde van tevoren dat er nog wel wat explosiviteit in de benen zat, dus hoopte ik op een 24,6 of daaromtrent. Dan zou ik toch alweer een halve seconde pakken op vorig jaar. Het werd nog veel sneller. Ik knalde lekker weg uit het blok en kon me mooi optrekken aan Zuid-Afrikaan Ruaan die ik in mijn ooghoek zag lopen. Toen ik de tijd wist, kreeg ik een half uur lang de big smile niet meer van mijn gezicht. Wie loopt er nu op zijn dertiende onderdeel in een weekend een pr op een sprintnummer? Nou ja, ik dus, in 24,01. Ik was weliswaar al iets sneller dit jaar, maar dat was met te veel meewind. Absurd dit!
 
Echt veel tijd om na te genieten was er niet, want ik was de hele ochtend al zenuwachtig voor polshoog. Ik miste vorig jaar de aanvangshoogte van 2 meter, en de 140 punten die je daarvoor krijgt waren toch wel erg welkom in de strijd om die 9.000-puntengrens. Het inspringen leek helemaal nergens op, maar met een hoop tips van collega's en omstanders (dank daarvoor!) was de eerste sprong al relatief hoopvol. De tweede was raak, een vreugdedansje het gevolg. De druk was er toen wel af, dus de 2,20 lukte niet meer. Maar wat was ik blij zeg.
 
Het vervelende van vroeg afspringen met polshoog is dat je twee uur aan het wachten bent tot de rest klaar is. Dat klinkt misschien als een welkome pauze tussen al die nummers door, maar dat is het toch niet echt. Vorig jaar kakte ik echt flink in voor de 3.000 meter, en ook nu kostte het me moeite een beetje scherp te blijven. De eerste kilometer ging dan ook niet vanzelf, maar wel lekker vlak. Ik hield de rondjes van 82-83 aardig vast en kwam steeds beter in mijn ritme. Het fijne van een drie is dat je hem net als de vijf echt loopt als een lange afstand, maar dat-ie dan toch een stuk minder lang duurt. Op de 2.600 meter kwam de Duitser Benedikt vrij hard uit mijn rug. Ik kon niet mee, maar wel een beetje versnellen, waardoor ik op 10.12,40 uitkwam. Toch weer een half minuutje sneller dan in 2008.
 
De 400 meter horden is van mijn hordennummers de minst slechte. Je kan lekker een beetje op ritme lopen, en dat ging tot aan de één-na-laatste horde ook aardig. Bij de laatste kwam ik niet uit en liet ik nog een seconde liggen, maar 65,70 is op zich best een redelijke tijd.
 
Speerwerpen was voor mijn doen nog best aanvaardbaar met iets van 22 en een halve meter. Ik werd niet eens laatste!
 
Hoogtepunt van het weekend werd toch net als vorig jaar de 1.500 meter. Ik wilde eigenlijk nog graag een afstandje winnen, en dit was toch echt mijn laatste kans daarvoor. Ik wist dat Benedikt normaal harder gaat, maar hij had een wat moeilijke tweede dag. Robert won weliswaar de langere afstand met behoorlijk verschil van me, maar was op de sprintnummers toch fors langzamer. Ik wist dat het lastig zou worden, maar niet onmogelijk. Omdat Benedikt op de 3.000 meter fors van mij had geprofiteerd en zich daar een beetje schuldig over voelde, mocht ik van hem lekker in zijn rug gaan zitten. Hij liep precies de beloofde rondjes 73 (tempo 4.35) en ik kon vrij makkelijk mee in zijn spoor. Bij de bel deed ik wat hij op de drie deed: hard versnellen. Ik hoorde alle aanmoedigingen in de slotronde en voelde dat ik een gaatje sloeg. De laatste 200 meter was echt gaaf: ik ging er echt lachend doorheen. De laatste meters zag ik de klok de twintig intikken. Blijkbaar had ik nog de tegenwoordigheid van geest om op dat moment te bedenken dat het wedstrijdrecord van Benedikt op 4.28 stond, dus ik zette de laatste dertig meter nog even extra aan om daar net nog onder te komen. Het was nipt, maar 4.27,89 is voor twintigkampbegrippen écht knetterhard. En eigenlijk zonder een centje pijn.
 
Hinkstapspringen ging toch al weer iets beter dan vorig jaar. Daarop bleef ik toen net onder de 11 steken, die pakte ik nu wel met 11,18. Bovendien had ik wonderwel weinig last van mijn gekkenwerk op de 1.500 meter.
 
De afsluitende 10.000 meter is voor iedereen een lijdensweg. Ik troost me als mijn benen na een kilometer of vier steeds zwaarder worden altijd maar met de gedachte dat werper Alexander (kilo of 100, lang en breed) het nog veel moeilijker heeft dan ik. Gelukkig kon ik mooi samen op lopen met Benedikt, tot 6.500 meter gingen we ieder rondje kop-over-kop op plek twee en drie. Zijn aflossingen waren steeds wat sneller en ik kreeg steeds meer moeite om over te nemen. Daarom toch maar even een paar rondjes iets hersteld om daarna het tempo weer behoorlijk op te pakken. De laatste rondjes is het aftellen: op de bel zag ik dat ik een rondje 76 nodig had om nog onder de 39 minuten te finishen. Ik kwam daarom op het volstrekt idiote idee om dat nog te proberen. Het lukte niet, want ik bleef steken op 39.05, maar om daar nu over te gaan zeuren na zo'n topweekend...
 
Nu lekker een weekje uitrusten en daarna begint de winter wel zo'n beetje. Ik kon me in elk geval geen betere seizoensafsluiting wensen!
________________________________________
Dag 1 Het was een lange dag vandaag, maar ik ben flink in de winning mood na de eerste dag van de twintigkamp in Delft. De technische nummers zijn natuurlijk een drama, maar het lopen gaat over het algemeen boven verwachting. Ik wist wel dat ik wat sterker was dan vorig jaar, maar de winst loop inmiddels in de honderden punten. De 9.000 punten zitten er dus nog steeds in. Dat is in twintigkampland een magische score. De allertijdenlijsten staan namelijk verdeeld in twee groepen: "over 9000" en "under 9.000". Een plekje in het linkerrijtje is natuurlijk erg gewild.
 
De eerste dag begon ditmaal vanwege het grote deelnemersveld al extreem vroeg. Vorig jaar begon de 100 meter om 10 uur, dit jaar was dat starttijd 8 uur in de ochtend. Niet echt lekker om meteen een explosief nummer te gaan doen, maar goed... Ik merkte wel dat de scherpte er nog niet helemaal was. Waar ik stiekem op net onder de 12 had gehoopt, werd het 12,11. Wel iets beter dan het jaar ervoor, dus op zich niet te klagen.
 
Verspringen ging vorig jaar erg goed (5,52), dus ik hoopte daar in elk geval niet veel op te verliezen. Dat lukte me aardig met 5,47. Behoorlijk tevreden dus, in elk geval niet veel ingeleverd.
 
De 200 meter horden vind ik misschien wel het vervelendst van alle 20 nummers. Ik ben niet zo'n ster met hekken, zeker niet met mijn slechte been. Het vervelende van zo'n 200 is dat ik de eerste horden nog wel in zevenpas haal, maar dat ik dat nooit tot de finish doortrek. Een achtpas is lastig, want dan moet je van been wisselen, een negenpas is dat ook omdat je bijna stil moet gaan staan om van zeven naar negen om te schakelen. Vorig jaar was het dus werkelijk een zootje en stootte ik drie keer keihard mijn knie. Nu bleef ik gelukkig heel en was ik met 30,02 ruim een halve seconde sneller. Af en toe struikelend, maar toch!
 
Kogelstoten kan ik kort over zijn: ik heb de armkracht en -snelheid van een terminale blauwe vinvis. 6,64 meter, ik hield zowaar nog één iemand achter me.
 
Met de 5.000 meter begint het echte werk. De eerste nummers zijn allemaal nog relatief weinig belastend (voor mij althans) en explosief. Kunst is dus om voor wat nog komen gaat iets op reserve te lopen. Met de 18.28 van vorig jaar in het achterhoofd hoopte ik nu wat dichter tegen de 18 rond te zitten. Het ging echter boven verwachting: de eerste ronde was vrij hard (80), maar daarna zat ik in een lekker tempo met rondjes die heel licht opliepen van 83-84 naar 86-87. Hoewel de handrem er dan wel opstaat, merk je toch dat het na drie kilometer zwaar wordt: denderend hard is het misschien niet, het is toch ook geen duurlooptempo. Gelukkig kon ik het tempo aardig vasthouden en als derde finishen in 17.43,69. Een flinke opsteker!
 
Op de 800 meter kon ik nog wel merken dat ik een vijf gelopen had. Na 200 meter zaten de benen al vol. Ik kon op souplesse en ritme toch redelijk vlak door blijven lopen: na een rondje 63 hoog kwam ik uit op 2.08,99. Een zware bevalling en een van de mindere loopnummers van de dag wat mij betreft, maar toch weer een seconde of vier winst ten opzichte van vorig jaar.
 
Hoogspringen ging vorig jaar de mist in omdat ik vanwege mijn pijnlijke knie van de 200 horden bijna niet omhoog durfde. Een beschamende 1,30 was het gevolg. Dit jaar ging het met 1,45 iets beter, al had ik de 1,50 eigenlijk wel moeten halen.
 
Met de toch lastige 800 meter nog in gedachte zag ik best een beetje op tegen de 400 meter. Dat bleek niet nodig, want het ging super: 54,03. Anderhalve seconde winst ten opzichte van vorig jaar en maar een dikke seconde trager dan mijn beste tijd dit seizoen. Waarmee ik mezelf nog maar eens bewijs dat die gewilde 51'er er echt wel in zit.
 
Kogelslingeren. Dat durf ik hier écht niet neer te zetten. Ik ga ervan uit dat ik morgen verder hinkstapspring, dus dan weet je het wel :').
 
De 3.000 meter steeple ging me vorig jaar slecht af, omdat mijn hamstring tegen kramp aanzat. Dit jaar verbaasde ik mezelf: met 11.12 pakte ik driekwart minuut ten opzichte van mijn tijd uit 2008. Lekker ontspannen gelopen en het in tegenstelling tot de 5.000 meter eigenlijk geen moment zwaar gehad.
 
Morgen heb ik nog heel wat voor de boeg, dus ik spring zo maar even in bad voor ik ga slapen. Nu maar hopen dat ik de nacht een beetje fatsoenlijk doorkom en het met de spierpijn meevalt.
________________________________________
» 2 Reacties
2"A status"
op Wednesday 16 September 2009, 08:50door Esther
Een 8e plaats op een WK, A-status? ;) 
Knap gedaan!
1Reactie
op Monday 14 September 2009, 21:07door Bart
Leuk stukje Lukas!
» Voeg Reactie toe
Email (word niet gepubliceerd)
Naam
Titel
Reactie
 overgebleven karakters
Captcha Image Regenerate code when it's unreadable
Laatst geupdate op ( Monday 14 September 2009 )
 
< Vorige   Volgende >